|
Liturg: |
Deze dag is tot een eind gekomen. Over de aarde verspreidt zich het donker, nu de zon in het westen is ondergegaan. |
|
Allen: |
Alle dingen keren terug tot hun oorsprong. |
|
Liturg: |
Uit de veelheid hebben wij ons losgemaakt om ons te keren tot onszelf, |
|
Allen: |
ons te keren tot U, die de bron van ons leven wilt zijn. |
|
Liturg: |
Wij brengen U wat in ons is: gedachten en zorgen, vragen en angsten, vreugde, verlangen en dank. |
|
Allen: |
Wil het raken met uw zuiverende nabijheid. |
|
Liturg: |
Alle dingen mogen komen en gaan in de stilte– emoties en beelden, ze trekken ons voorbij. En als het denken even is vertrokken, opent in de leegte zich ons hart. |
|
Allen: |
Dat het duister ons niet zal verschrikken, zo bidden wij nu, dat het een geleide mag worden op de weg naar U toe: |
|
Liturg: |
uw beschermende aanwezigheid als een engel om ons heen. Geef Gij het uw beminden in de slaap, Gij, die zegent met vrede. |
|
Allen: |
Amen. |